De internationale politiemissie

Op donderdag 24 juli 2014, de dag na de door het kabinet uitgeroepen dag van nationale rouw over de MH17-vliegramp, kopte NRC Handelsblad: ‘Politiemissie onder VN-vlag in de maak’. Er zou druk diplomatiek overleg gaande zijn over een internationale politiemissie om onderzoekers in Oekraïne te beschermen. Onder de vlag van de Verenigde Naties moest de politiemacht het onder Nederlandse leiding staande internationale onderzoeksteam beschermen.

Diezelfde dag werden door het ANP achtereenvolgens deze twee berichten afgegeven:

Donderdagmiddag
KIEV (ANP) – Nederland heeft nu ook echt officieel de leidersrol in het onderzoek naar de vliegramp in Oekraïne. Minister Frans Timmermans van Buitenlandse Zaken tekende donderdagmiddag in Kiev met zijn Oekraïense collega Pavlo Klimkin een overeenkomst daarover. Daarmee is de juridische basis gelegd waarop Nederland met dat onderzoek op vreemde bodem verder kan.
President van Oekraïne Petro Porosjenko was bij de ondertekening aanwezig, net als Timmermans’ Australische ambtgenoot Julie Bishop.
Nederland, Australië, dat door de vliegramp ook burgers verloor, en Oekraïne werken achter de schermen aan een resolutie voor een bewapende missie van de Verenigde Naties op de plek van de vliegtuigcrash.

Donderdagavond
DEN HAAG (ANP) – Er gaan 40 marechaussees naar Oekraïne, om daar de onderzoekers te helpen bij het zoeken naar slachtoffers op de rampplek en bij te dragen aan de waarheidsvinding. Ze zullen geen wapens dragen. Dat zei premier Mark Rutte donderdagavond.
Verder reizen de komende dagen in totaal 23 leden van het Nederlandse onderzoeksteam vanuit Charkov naar de rampplek. Vrijdag komen er twee leden aan, de drie dagen daarna telkens zeven. Ze krijgen vanaf vrijdag ondersteuning van de Marechaussees, aldus de premier.
Volgens hem is het niet mogelijk om gewapend werk uit te voeren in Oost-Oekraïne, waar “de veiligheidssituatie wisselt”. Bovendien voeren de marechaussees geen gebruikelijke taken uit; ze helpen de onderzoekers. Daarnaast zullen ook andere landen en de OVSE de komende dagen op de rampplek aan de slag gaan.
Veilig genoeg
De veiligheid in het gebied wordt constant in de gaten gehouden, zei de premier. Volgens de veiligheidsdiensten is het vanaf vrijdag weer veilig genoeg om daar aan het werk te gaan.

Tot zover de media. Ik zal niet de enige zijn geweest bij wie deze berichten een gevoel van déjà vu hebben opgeroepen. De Volksrepubliek Donetsk van 2014 doet sterk denken aan de Republika Srpska van 1994, toen Nederland op 3 maart de verantwoordelijkheid voor de veiligheid van het Veilige Gebied Srebrenica op zich nam. En de parallel gaat verder. De vooorpagina van de NRC op donderdag en de ANP-berichten van die middag en die avond, lezen als een fast forward van hoe het in 1992 en ’93 op de Balkan allemaal gegaan is. In Nederland groeide toen de verontwaardiging over wat in Bosnië de Moslembevolking door de Republika Srpska werd aangedaan en er onstond toenemende politieke druk om daar ook van Nederland uit iets aan te doen (‘En nog wordt er niet ingegrepen!’ luidden de TV spots waarmee ‘s avonds de uitzendingen uit Hilversum besloten werden). Nederland overwoog de bescherming van een ‘safe haven’ van de Verenigde Naties voor zijn rekening te nemen, maar nog voordat daar serieuze plannen voor waren gemaakt, veranderde de VN het concept van ‘safe haven’ in dat van ‘safe area,’ dat minder veilig maar veel goedkoper was. In Den Haag werd dat niet als een bezwaar gezien want een bataljon VN-blauwhelmen – nog wel uit een NAVO-land – zou zoveel gezag uitstralen dat van actieve militaire confrontaties geen sprake zou zijn. Dutchbat zou erheen gaan niet om te vechten maar om te beschermen.

Er zijn tussen toen en nu verontrustende parallellen maar ook onbegrijpelijke verschillen. Wat betekent bijvoorbeeld de uitspraak van premier Rutte dat het niet mogelijk is gewapend werk uit te voeren in Oost-Oekraïne, waar “de veiligheidssituatie wisselt”. Het ANP heeft die laatste drie woorden zelf al tussen aanhalingstekens gezet, want men zou verwachten dat wisselingen in de veiligheidssituatie gewapend werk juist noodzakelijk kunnen maken.

Maar wel is duidelijk dat onze regering Nederland een rol wil laten spelen, en anders dan in Bosnië ditmaal zelfs de hoofdrol. Het is te hopen dat het drukke diplomatieke overleg over de politiemissie, waar de NRC melding van maakt, een groot aantal landen omvat, waardoor Nederland zich vaker genoodzaakt zal zien uit te leggen wat het precies bedoelt. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de donderdagmiddag door minister Timmermans en zijn Oekraïense collega Pavlo Klimkin in Kiev getekende overeenkomst die Nederland ‘de leidersrol in het onderzoek naar de vliegramp in Oekraïne’ toekent. ‘Daarmee is de juridische basis gelegd waarop Nederland met dat onderzoek op vreemde bodem verder kan’. Het is niet duidelijk wie in deze laatste zin wordt geciteerd. Is het niet eerder zo dat we met dat onderzoek op vreemde bodem niet verder konden, niet omdat we nog geen mandaat van de republiek Oekraïne hadden, maar omdat de voor ons niet bestaande Volksrepubliek Donetsk ons daar niet wilde zien. Het is alsof in het vooruitzicht van de komst van onze 40 ongewapende marechaussees de Volksrepubliek Donetsk nu ook feitelijk heeft opgehouden te bestaan.